Dit datarapport is samengesteld door onze specialisten op basis van uitsluitend openbare, verifieerbare bronnen: de open data van de politie, het CBS, screeningsautoriteit Justis, de Nederlandse Veiligheidsbranche en de Federatie Veilig Nederland. Alle bronnen en de volledige methodologie staan onderaan dit rapport. Cijfers mogen met bronvermelding worden overgenomen.
Belangrijkste bevindingen
1. Sinds 15 augustus 2026 verplicht de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke) circa 500 aangewezen organisaties in 14 sectoren om binnen 9 maanden een risicobeoordeling af te ronden en binnen 10 maanden weerbaarheidsmaatregelen te treffen — waaronder expliciet fysieke beveiliging, toegangscontrole en surveillance.
2. De toezichthouder greep in 2025 hard in: het aantal boetes voor beveiligings- en recherchebedrijven steeg van 48 naar 312 (een verzesenhalfvoudiging) en het aantal ingetrokken vergunningen van 4 naar 53 (dertien keer zoveel), opgeteld uit de kwartaalcijfers van Justis.
3. De langjarige daling van bedrijfsinbraken is voorbij: −68,5% tussen 2012 en 2025, maar sinds 2021 vlak rond de 12.000 gevallen per jaar — en Amsterdam steeg in 2025 met 2,9% tegen een landelijke daling van 4,1%.
4. De Nederlandse beveiligingsmarkt nadert opgeteld €4,3 miljard, maar de groei zit in de techniek: bemande beveiliging kwam in 2025 uit op €1,929 miljard (+1%), de technische beveiligingssector op €2,36 miljard, +21% ten opzichte van 2023 — twee markten, gemeten door twee verschillende brancheorganisaties, met sterk verschillende snelheden.
5. Vernieling is het vermogensdelict dat níét daalt: 71.480 geregistreerde gevallen in 2025, al vijf jaar vrijwel vlak, terwijl inbraak en diefstal daalden.
Bedrijfsinbraken: de daling is gestopt
De open criminaliteitsdata van de politie (tabel 47018NED, categorie 'diefstal/inbraak bedrijven en instellingen') laat een van de meest consistente dalingen in de Nederlandse criminaliteitsstatistiek zien — tot 2021. Van 37.521 geregistreerde gevallen in 2012 daalde het aantal vrijwel elk jaar, tot een dieptepunt van 11.227 in 2021: een afname van ruim twee derde. Daarna veranderde de trend van karakter. De jaren 2022 tot en met 2025 liggen allemaal in een smalle band tussen de 11.800 en 13.000 gevallen, met 11.835 registraties in 2025.
Berekend uit de officiële reeks is dat een daling van 68,5% tussen 2012 en 2025 — maar de laatste vier jaar vormen een plateau, geen doorzettende daling. Van 2024 op 2025 bedroeg de verandering −4,1%. Anders gezegd: Nederlandse bedrijven en instellingen deden in 2025 nog altijd circa 32 keer per dag aangifte van een inbraak (11.835 gedeeld door 365).
Winkeldiefstal volgde een andere curve. Die piekte in 2023 op 44.911 geregistreerde gevallen — het hoogste aantal sinds 2012 — en is sindsdien met 17,4% gedaald naar 37.116 in 2025. Daarmee ligt winkeldiefstal nog altijd ruim boven het pandemieniveau van 30.712 in 2021.
| Jaar | Registraties | Jaar | Registraties |
|---|---|---|---|
| 2012 | 37.521 | 2019 | 19.471 |
| 2013 | 36.276 | 2020 | 16.707 |
| 2014 | 31.848 | 2021 | 11.227 |
| 2015 | 29.390 | 2022 | 12.834 |
| 2016 | 26.752 | 2023 | 12.950 |
| 2017 | 22.820 | 2024 | 12.341 |
| 2018 | 19.829 | 2025 | 11.835 |
Vier steden vergeleken: Amsterdam gaat tegen de trend in
Dezelfde politiedataset splitst bedrijfsinbraken uit per gemeente, en de vier grote steden vertellen uiteenlopende verhalen. Amsterdam registreerde in 2025 1.617 bedrijfsinbraken — een stijging van 2,9% ten opzichte van de 1.571 in 2024, tegen een landelijke daling van 4,1%. Berekend uit dezelfde reeks komt circa 13,7% van alle Nederlandse bedrijfsinbraken voor rekening van Amsterdam alleen: ongeveer één op de zeven.
Den Haag bewoog de andere kant op en daalde met 15,4% naar 408 gevallen in 2025 — het laagste aantal in het vijfjaarsvenster. Rotterdam daalde naar 646 en Eindhoven bleef vrijwel stabiel op 268.
Het bredere slachtofferbeeld van het CBS bevestigt waar de druk zit. In 2025 telden Amsterdam (63), Utrecht (54), Eindhoven (52) en Rotterdam (50) de meeste slachtoffers van traditionele criminaliteit per 1.000 inwoners, en lag het slachtofferschap in zeer stedelijke gemeenten op 29% tegen 13% in niet-stedelijke gebieden. Een op de vijf mensen van 15 jaar of ouder — circa 3 miljoen — werd in 2025 slachtoffer van traditionele criminaliteit.
| Jaar | Amsterdam | Rotterdam | Den Haag | Eindhoven |
|---|---|---|---|---|
| 2021 | 1.329 | 538 | 479 | 257 |
| 2022 | 1.688 | 731 | 548 | 245 |
| 2023 | 1.716 | 801 | 479 | 326 |
| 2024 | 1.571 | 687 | 482 | 270 |
| 2025 | 1.617 | 646 | 408 | 268 |
Vernieling: het vermogensdelict dat niet daalt
Waar inbraak tien jaar lang daalde, deed vernieling dat niet. De politie registreerde in 2025 71.480 gevallen van vernieling c.q. zaakbeschadiging (alle doelwitten — niet alleen bedrijven). De vijfjaarsreeks is vrijwel vlak: 72.041 in 2021, 71.054 in 2022, 70.066 in 2023, 72.110 in 2024 en 71.480 in 2025. Het CBS rapporteert in zijn criminaliteitsoverzicht over 2025 een stijging van vernieling met 2%, in een jaar waarin het totaal aan diefstallen en inbraken 3% onder het niveau van 2023 lag.
Het langetermijnbeeld scherpt het contrast aan. Tegenover het referentiejaar 2012 (134.123 registraties) staat een daling van 46,7% — substantieel, maar veel kleiner dan de daling van 68,5% bij bedrijfsinbraken over dezelfde periode, en zonder enige vooruitgang sinds 2021. Voor eigenaren en beheerders van locaties is vernieling daarmee stilletjes het vermogensrisico geworden dat de preventiegolf van het afgelopen decennium niet heeft opgelost.
De sector: richting €4,3 miljard, en een verschuiving van mensen naar techniek
De Nederlandse particuliere beveiligingssector wordt door twee verschillende brancheorganisaties gemeten, en hun cijfers over 2025 wijzen dezelfde kant op: het geld verschuift van menskracht naar techniek. De bemande beveiliging — jaarlijks in beeld gebracht door de Nederlandse Veiligheidsbranche met de Branchescan, een ledenonderzoek — groeide van €1,7 miljard in 2023 naar €1,910 miljard in 2024 (+11%), maar naar slechts €1,929 miljard in 2025: een groei van maar 1%. De branche wijst zelf de loonkosten aan als rem: +4,5% in 2025.
Het personeelsbestand krimpt licht en vergrijst. De branche telde in 2025 30.585 beveiligers (−0,5%), van wie 25.385 in vaste dienst (+1,5%); de flexibele en tijdelijke schil kromp met 9% en de inzet van zzp'ers met 20%. Eind 2025 stonden er 3.700 vacatures open — minder dan de 4.100 van eind 2024, maar berekend tegen de 30.585 werkenden nog altijd circa 12% van het hele personeelsbestand. 46% van de beveiligers is 45 jaar of ouder, en 30% van de vacatures kost 8 tot 12 weken om te vervullen. Toch is de branche optimistisch: 60% van de bedrijven verwacht in 2026 omzetgroei (gemiddeld +9%), 40% verwacht stabiliteit en geen enkel bedrijf verwacht krimp.
De officiële statistiek onderstreept hoe hard de sector heeft gegroeid. Het CBS meldde dat beveiligings- en opsporingsdiensten over 2024 een omzetgroei van 12,6% boekten — de grootste omzetstijging van alle branches binnen de zakelijke dienstverlening dat jaar, vóór de schoonmaakbranche (+10,3%) en de IT-dienstverlening (+6%).
De technische kant groeit veel harder dan de bemande beveiliging. Onderzoek van de Federatie Veilig Nederland becijfert de omzet van de technische beveiligingssector in 2025 op €2,36 miljard, +21% ten opzichte van 2023 (+14,4% gecorrigeerd voor inflatie) — circa 0,21% van het bbp. Daarbinnen: brandveiligheid €1,379 miljard (+26%), beveiliging en toegangscontrole €981 miljoen (+15%), leveranciers en importeurs €1,156 miljard (+27%), systeemintegratoren €590 miljoen en dienstverleners €614 miljoen. De werkgelegenheid in de technische beveiliging steeg met 10% naar 13.600, 60% van de bedrijven gebruikt al AI-oplossingen en 76% verwacht verdere groei in 2026.
Omdat de twee markten door verschillende organisaties worden gemeten, moeten ze naast elkaar worden gelezen en niet als één geauditeerd totaal — maar opgeteld naderen ze de €4,3 miljard, met vrijwel alle momentum aan de technologiekant. Het aantal vergunde aanbieders blijft groot: het openbare Wpbr-register van Justis telde op 19 augustus 2026 3.825 bedrijven met een geldige vergunning.
| Kerncijfer (2025) | Bemande beveiliging | Technische beveiliging |
|---|---|---|
| Omzet | €1,929 miljard | €2,36 miljard |
| Groei | +1% t.o.v. 2024 | +21% t.o.v. 2023 |
| Werkgelegenheid | 30.585 (−0,5%) | 13.600 (+10% t.o.v. 2023) |
| Gemeten door | Nederlandse Veiligheidsbranche | Federatie Veilig Nederland |
Handhaving: 6,5 keer zoveel boetes, 13 keer zoveel ingetrokken vergunningen
De opvallendste verschuiving in de cijfers over 2025 komt van de toezichthouder. Justis, de screeningsautoriteit van het ministerie van Justitie en Veiligheid, publiceert elk kwartaal handhavingscijfers onder de Wpbr — de vergunningswet voor particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus. Opgeteld over de vier kwartalen (Justis houdt een slag om de arm voor marginale afwijkingen) tonen de jaartotalen over 2025 een toezichthouder die volledig van houding is veranderd.
Het aantal boetes steeg van 48 in 2024 naar 312 in 2025 — 6,5 keer zoveel. Het aantal ingetrokken vergunningen ging van 4 naar 53: dertien keer zoveel. Waarschuwingen sprongen van 2 naar 68. Dat gebeurde niet omdat de sector kromp — integendeel: het aantal verleende bedrijfsvergunningen steeg van 821 naar 990 en het aantal toestemmingen voor leidinggevenden van 1.222 naar 1.476. De toezichthouder laat méér partijen toe en corrigeert er tegelijk veel meer.
Voor inkopers van beveiligingsdiensten is de praktische consequentie eenvoudig: het controleren van de vergunning van een aanbieder is geen formaliteit meer. Het openbare register — 3.825 vergunninghouders per 19 augustus 2026 — vermeldt van elk bedrijf de naam, het KvK-nummer en de vervaldatum van de vergunning, en is vrij doorzoekbaar.
| Wpbr-cijfer | 2024 | 2025 | Verandering |
|---|---|---|---|
| Vergunningen ondernemingen verleend | 821 | 990 | +21% |
| Vergunningen geweigerd | 54 | 60 | +11% |
| Toestemmingen leidinggevenden verleend | 1.222 | 1.476 | +21% |
| Boetes | 48 | 312 | ×6,5 |
| Waarschuwingen | 2 | 68 | ×34 |
| Intrekkingen vergunning | 4 | 53 | ×13 |
Regelgeving in 2026: het Wpbr-stelsel en de nieuwe Wwke
Het Nederlandse wettelijke kader voor particuliere beveiliging begint bij de Wpbr (Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus). Beveiligings- of recherchewerk zonder Wpbr-vergunning is wettelijk verboden. Het register onderscheidt acht vergunningscategorieën — van beveiligingsorganisaties die voor derden werken (ND) en interne bedrijfsbeveiligingsdiensten (BD) tot particuliere alarmcentrales (PAC), videotoezichtcentrales (VTC) en geld- en waardetransport (PGW). Een vergunning is maximaal vijf jaar geldig, kost €600 per organisatie plus €92 per toestemming voor een leidinggevende, en vereist een betrouwbaarheidsscreening van de organisatie, aparte toestemming voor elke leidinggevende, screening van personeel en voorgeschreven diploma's. Sinds april 2018 publiceert Justis het volledige register van vergunninghouders, dat elk kwartaal wordt bijgewerkt.
De grote verandering van 2026 zit een niveau hoger. Op 15 augustus 2026 traden twee wetten in werking: de Cyberbeveiligingswet, die de Europese NIS2-richtlijn implementeert, en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke), die de Europese CER-richtlijn (2022/2557) implementeert. De Wwke wijst circa 500 organisaties aan als kritieke entiteit, verdeeld over 14 sectoren: energie, transport, water, gezondheidszorg, overheid, digitale infrastructuur, bankwezen, chemie, financiëlemarktinfrastructuur, afvalwater, ruimtevaart, nucleair, voedsel en meteorologie.
De verplichtingen zijn concreet en aan termijnen gebonden. Een aangewezen entiteit moet binnen 9 maanden na aanwijzing een risicobeoordeling afronden en binnen 10 maanden passende technische, organisatorische en fysieke weerbaarheidsmaatregelen treffen — de wet noemt fysieke beveiliging, toegangscontrole en surveillance expliciet. Incidenten die tot aanzienlijke verstoring leiden, moeten binnen 24 uur worden gemeld. Het wetgevingstraject verliep snel: de Tweede Kamer nam het voorstel aan op 15 april 2026, de Eerste Kamer op 7 juli 2026, en de wet trad op 15 augustus 2026 in werking. De Cyberbeveiligingswet bestrijkt parallel 18 sectoren, vereist registratie in een nationaal entiteitenregister en legt de verantwoordelijkheid voor beveiligingsmaatregelen expliciet op bestuursniveau.
De consequentie: voor circa 500 organisaties is fysieke beveiliging verschoven van een discretionaire uitgave naar een wettelijke verplichting met termijnen in maanden.
Wat betekent dit voor organisaties?
Ten eerste verandert het inbraakplateau de risicoafweging. Tien jaar daling weerspiegelde beter hang- en sluitwerk, betere verlichting, betere camera's en betere naleving — verbeteringen die inmiddels in de basislijn zitten. De circa 12.000 inbraken die jaarlijks nog plaatsvinden, concentreren zich waar die basismaatregelen ophouden, en de stadscijfers over 2025 laten zien dat de druk ongelijk verdeeld is: Amsterdam stijgt terwijl het land daalt. Organisaties met locaties in stedelijke drukgebieden doen er verstandig aan de landelijke trendlijn niet te verwarren met hun eigen risicoprofiel.
Ten tweede verdient vernieling een eigen regel in het risicoregister. Het is het ene vermogensdelict dat al vijf jaar niet daalt, en maatregelen die tegen inbraak zijn geoptimaliseerd — het verharden van de schil, alarmopvolging — schrikken vernieling niet vanzelf af. Zichtbare aanwezigheid en surveillance doen dat wel.
Ten derde lopen organisaties die onder de Wwke worden aangewezen tegen een klok aan. De termijn van 9 maanden voor de risicobeoordeling en die van 10 maanden voor de maatregelen gaan beide lopen vanaf de aanwijzing, en de wet noemt fysieke beveiliging, toegangscontrole en surveillance met naam. Een gedocumenteerde, actuele risicobeoordeling is het rationele startpunt — ruim voordat de deadline die afdwingt.
Ten vierde maakt de handhavingsgolf leveranciersverificatie tot een governancekwestie. Met 6,5 keer zoveel boetes en 13 keer zoveel intrekkingen in één jaar is de kans dat een niet-vergunde of niet-conforme aanbieder in een keten opduikt niet langer theoretisch. De registervermelding van een aanbieder controleren in het openbare Wpbr-register kost minuten en hoort in elk inkoopdossier.
Tot slot blijft de arbeidsmarkt de bemande kant van de sector onder druk zetten: 3.700 openstaande vacatures, een vergrijzend beveiligersbestand en loongroei die de branche zelf als rem op de groei aanwijst. Opdrachtgevers moeten rekening houden met aanhoudende opwaartse druk op tarieven voor bemande beveiliging, en doen er goed aan hybride concepten — mensen waar oordeelsvermogen nodig is, techniek waar dat niet zo is — op hun merites te beoordelen in plaats van op gewoonte.
Bronnen en methodologie
Alle cijfers in dit rapport zijn op 24 augustus 2026 opgehaald en geverifieerd uit de onderstaande openbare bronnen. Afgeleide cijfers — de daling van 68,5%, de handhavingsfactoren ×6,5 en ×13, de circa 32 inbraken per dag en het vacaturepercentage van circa 12% — zijn eigen rekenwerk op de officiële aantallen en zijn direct herleidbaar uit de geciteerde reeksen. Dit rapport bevat geen prognoses en geen eigen (niet-openbare) data.
Criminaliteitsreeksen (bedrijfsinbraak 2.5.1, winkeldiefstal 2.5.2, vernieling 2.2.1; landelijk en per gemeente): politie geregistreerde criminaliteit, tabel 47018NED, opgehaald via de officiële open-data-API (OData) op dataderden.cbs.nl/ODataApi/odata/47018NED/ (leesbaar portaal: data.politie.nl). Dataperiode 2012–2025; de tabel bevat nog geen cijfers over 2026. Landelijke regiocode NL00; gemeenten GM0363 (Amsterdam), GM0599 (Rotterdam), GM0518 (Den Haag), GM0772 (Eindhoven).
Landelijk criminaliteitsbeeld 2025: CBS-nieuwsbericht 'Traditionele criminaliteit zoals diefstal en geweld gelijk gebleven', 2 maart 2026, cbs.nl/nl-nl/nieuws/2026/10/traditionele-criminaliteit-zoals-diefstal-en-geweld-gelijk-gebleven. Dataperiode 2025.
Vergunningen en handhaving: openbaar Wpbr-register van Justis (justis.nl/registers/wpbr-register, met vermelding van 3.825 resultaten, laatst bijgewerkt 19-08-2026) en de Justis-kwartaalcijfers Wpbr over 2024 en 2025 (justis.nl/producten/particuliere-beveiliging-en-recherche/kwartaalcijfers-2024-wet-particuliere-beveiligingsorganisaties-en-recherchebureaus-wpbr en de gelijknamige pagina voor 2025). De jaartotalen zijn onze optelling van de vier gepubliceerde kwartalen; Justis houdt een slag om de arm voor marginale afwijkingen. Beschrijving van het Wpbr-stelsel: justis.nl/producten/particuliere-beveiliging-en-recherche en ondernemersplein.overheid.nl; wettekst: wetten.overheid.nl/BWBR0008973.
Bemande beveiliging: Nederlandse Veiligheidsbranche, 'Branchescan beveiligingssector 2025', gepubliceerd 20 mei 2026, veiligheidsbranche.nl — een jaarlijks ledenonderzoek van de branchevereniging (editie 2024: 32 leden, circa 54% van het ledenbestand), te lezen als enquêtedata van de branche, niet als officiële statistiek. Bevestigd via securitymanagement.nl (21-05-2025 en 21-05-2026). Omzetgroei sector 2024: CBS, 'Omzet zakelijke dienstverlening hoger in vierde kwartaal 2024', 7 maart 2025, cbs.nl.
Technische beveiligingsmarkt: onderzoek van de Federatie Veilig Nederland, gerapporteerd door BeveiligingNieuws, 'Technische beveiligingsbranche groeit fors en zet in op innovatie', 4 juni 2026, beveiligingnieuws.nl. Dataperiode 2025 ten opzichte van 2023.
Wwke en Cyberbeveiligingswet: nieuwsbericht van de Rijksoverheid van 15 augustus 2026 ('Cyberbeveiligingswet en Wet weerbaarheid kritieke entiteiten vanaf vandaag van kracht', rijksoverheid.nl), bevestigd door de NCTV (nctv.nl) en het wetgevingsdossier 36.765 van de Eerste Kamer (eerstekamer.nl).
Veelgestelde vragen
Hoeveel bedrijfsinbraken waren er in 2025 in Nederland?
De politie registreerde in 2025 11.835 gevallen van diefstal/inbraak bij bedrijven en instellingen (open data, tabel 47018NED) — circa 32 per dag. Dat is 68,5% minder dan de 37.521 van 2012, maar de daling stokt: sinds 2021 ligt het jaarcijfer vlak tussen de 11.800 en 13.000.
Wat is de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke)?
De Wwke is de Nederlandse implementatie van de Europese CER-richtlijn en is sinds 15 augustus 2026 van kracht. De wet wijst circa 500 organisaties in 14 sectoren aan als kritieke entiteit en verplicht hen binnen 9 maanden na aanwijzing een risicobeoordeling af te ronden, binnen 10 maanden weerbaarheidsmaatregelen te treffen — waaronder expliciet fysieke beveiliging, toegangscontrole en surveillance — en incidenten met aanzienlijke verstoring binnen 24 uur te melden.
Hoeveel vergunde beveiligingsbedrijven telt Nederland?
Het openbare Wpbr-register van Justis vermeldde op 19 augustus 2026 3.825 bedrijven met een geldige vergunning. Het register is vrij doorzoekbaar en toont per bedrijf de naam, het KvK-nummer en de vervaldatum van de vergunning.
Hoe controleer ik of een beveiligingsbedrijf een vergunning heeft?
Zoek de aanbieder op in het openbare Wpbr-register op justis.nl en controleer de actuele registervermelding — neem geen genoegen met een kopie van een document. Die controle is belangrijker dan ooit: opgeteld uit de kwartaalcijfers van Justis legde de toezichthouder in 2025 312 boetes op en trok 53 vergunningen in, tegen 48 boetes en 4 intrekkingen in 2024.
Hoe groot is de Nederlandse beveiligingsmarkt?
Twee brancheorganisaties meten twee markten. De Nederlandse Veiligheidsbranche becijfert de bemande beveiliging op €1,929 miljard in 2025 (+1%); de Federatie Veilig Nederland becijfert de technische beveiliging op €2,36 miljard (+21% ten opzichte van 2023). Naast elkaar gelezen — het zijn afzonderlijke onderzoeken, geen geauditeerd totaal — nadert de markt opgeteld de €4,3 miljard, met de groei geconcentreerd aan de technologiekant.
